De anatomie van prestaties: kan Oxford een manier vinden om rijplezier te meten?
Dezelfde wagen op dezelfde weg kan compleet anders aanvoelen, afhankelijk van wie er rijdt. Dat maakt het net wat ingewikkelder dan alleen op de stopwatch kijken. Samen met onderzoekers van het SDG Impact Lab van de Universiteit van Oxford zijn we op zoek gegaan naar de wetenschap achter rijplezier, en de vraag of dat gevoel te meten is. De anatomie van prestaties volgt dit onderzoek in vier afleveringen.
Aflevering 1: kunnen we rijplezier een cijfer geven?
Voordat we het circuit op gaan, legt onze host Babak in deze aflevering uit wat we precies bedoelen met rijplezier en hoe we dit kunnen onderzoeken. Gedurende de serie neemt hij ons mee van de Gotland Ring naar Portimão en Oxford. We voeren tests uit, onderzoeken hoe het brein en lichaam van coureurs reageren en ontdekken de resultaten van het onderzoek.


“We moeten een meetsysteem ontwikkelen dat in kaart brengt wat er gebeurt. Niet alleen in het lichaam en het brein, maar ook in de geest."
Maxwell Klapow, MPhil-scholar, Oxford SDG Impact Lab

Aflevering 2: wat gebeurt er in je hersenen wanneer je rijdt?
We maken van Gotland Ring ons eigen performancelab. Meer dan 40 afzonderlijke testritten, waarbij sensoren registreren wat er in de hersenen en het lichaam van de bestuurders gebeurt tijdens het accelereren, remmen en nemen van bochten. Laat het experiment beginnen.
Hoe meet je nu precies de sensatie van autorijden? Je begint met enkele rustige minuten. Voor iemand de baan opgaat, voeren de onderzoekers eerst metingen uit die als referentie dienen voor wat er vervolgens op het circuit gebeurt. Daarna is het tijd om te rijden.
Elke deelnemer rijdt met twee versies van de Polestar 4: de Rear motor en de Dual motor met Performance pack. Eerst in een rustig tempo, daarna dynamischer, telkens achter een voorrijdende wagen. Het interieur en de bediening blijven hetzelfde.


Elke beslissing over hoe een wagen accelereert, stuurt of reageert, bepaalt mee hoe het rijden aanvoelt. We willen dat verband beter begrijpen.
Er gebeurt behoorlijk wat tijdens één enkele ronde. Sensoren meten de hartslag, veranderingen in transpiratie, oogbewegingen en hersenactiviteit. Tegelijkertijd registreren de wagens het accelereren, remmen en sturen, evenals de krachten die in bochten worden ervaren.
Tussen de verschillende rijsessies door geven de deelnemers aan hoe ze zich voelen. Achteraf beschrijven ze hun ervaring in interviews. Een bonzend hart vertelt ons iets, maar niet of iemand ook daadwerkelijk van de rit geniet.
Daarom brengen onderzoekers van het SDG Impact Lab van de University of Oxford al deze metingen samen: om te onderzoeken wat bijdraagt aan de sensatie van autorijden en na te gaan of die ervaring op een betekenisvolle manier kan worden gemeten.









