Locaties van camera's, sensoren en radars
Veel rijhulpfuncties werken met data van componenten die de omgeving van je auto scannen en in kaart brengen, zoals camera's, sensoren en de radar. Dit hoofdstuk laat je niet alle componenten en hun locaties zien, maar geeft je een globaal idee van waar ze zich bevinden. Zones die in dit hoofdstuk worden genoemd, zijn extra belangrijk om schoon te houden. Schade aan deze zones kan van invloed zijn op functies die afhankelijk zijn van componenten die zich hier bevinden.
Waarschuwing
Regelmatig schoonmaken
De locaties van camera's, sensoren en radars op de auto moeten regelmatig worden schoongemaakt en labels, voorwerpen, vuil en andere mogelijke belemmeringen moeten worden verwijderd. Anders reageren de functies van de auto mogelijk niet goed, reageren ze minder goed of worden ze gedeactiveerd.
Gemonteerde accessoires
Zorg dat je je bewust bent van het effect van gemonteerde accessoires, zoals bagagedragers of verlichting aan de buitenzijde van de auto. De voorwerpen zelf of de lading die je toevoegt, kunnen de werking van camera's, sensoren en radars belemmeren.

- 1Middenboven op de voorruit zijn twee naar voren gerichte camera's geplaatst.
- 2Er zitten vooruit- en achteruitkijkcamera's in de buitenspiegels en parkeercamera's aan de zijkant. De buitenspiegel rechts bevat ook een omgevingstemperatuursensor.
- 3De SmartZone aan de voorkant van de auto bevat een camera en een radar.

- 1Er zit een achteruitkijkcamera achterin de auto, net boven de achterklep.
- 2Er is een achteruitkijkcamera geïntegreerd in het achterlicht, in het midden van de achterklep.
Tip
De parkeersensoren vinden
Langs de onderzijde heeft de auto ook meerdere ultrasone parkeersensoren. Je ziet hun precieze locatie aan de kapjes langs het bumperpaneel.
Belangrijk
Schoonmaken vóór de radar
Als je vuil, sneeuw of ijs ziet, of als de auto aangeeft dat de radar wordt geblokkeerd, doe hier dan zo snel mogelijk wat aan. Maak altijd een groter gebied rond de radar schoon zodat ze goed blijven werken.





