Polestar
Polestar 2
Polestar 4
Polestar 4 coupé
Handleiding
Software-updates
      • Gevoeligheid van het alarm verlagen

Alarm

Het alarm schrikt mensen met kwade bedoelingen af wanneer je auto geparkeerd staat.

Het alarm wordt ingeschakeld wanneer je de auto vergrendelt en uitgeschakeld wanneer je de auto ontgrendelt.

Als iemand probeert een vergrendeld portier te openen, gaat het alarm af. De auto geeft aan dat die ontgrendeld is door de deurgrepen uit te klappen.

 N.b.

Vergrendelen met de motorkap of achterklep open

Als de motorkap of de achterklep niet goed is gesloten als je de auto vergrendelt, wordt het alarm niet volledig ingeschakeld. In dat geval beveiligt het alarm alleen de portieren.

De auto kan ook geen beweging in de auto detecteren als je de auto hebt vergrendeld met de motorkap of achterklep geopend.

Wanneer je de motorkap of achterklep sluit, wordt deze vergrendeld en wordt het alarm ingeschakeld.

Alarmindicator

De alarmindicator is een rood lampje middenvoor op het dashboard, vlak bij de voorruit. De indicator bevestigt dat het alarm is ingeschakeld door rood te knipperen.

Locatie van de alarmindicator

Passief activeren

Het alarm wordt geactiveerd als je even uit de auto stapt, zelfs als je de auto niet op slot doet, mits:
  • er geen inzittenden meer worden gedetecteerd
  • de portieren, motorkap en achterklep gesloten zijn
  • de portieren langer dan 90 seconden gesloten zijn.

Als het passieve alarm wordt geactiveerd, gebruik je je sleutel alsof je de auto ontgrendelt. Het alarm wordt dan uitgeschakeld.

Je kunt de functie voor passieve inschakeling tijdelijk uitschakelen in de instellingen.

Het alarm inschakelen

Het alarm gaat af als een onbevoegde een poging doet de motorkap, de achterklep of een portier te openen.

Beweging in de auto kan er ook voor zorgen dat het alarm afgaat.

Wanneer het alarm wordt geactiveerd, gebeurt het volgende:
  • De alarmindicator en de waarschuwingslampjes knipperen.
  • Het alarm klinkt.

 Tip

Alarmgevoeligheid

Je kunt de gevoeligheid van het alarm in de instellingen verlagen. Dit is bijvoorbeeld nuttig als je met je auto op een veerboot staat, waar veel externe beweging of trillingen zijn.

Het alarm kan ook worden geactiveerd als er een krik wordt gebruikt, als er een aanhangwagen wordt aangekoppeld of als de auto wordt gesleept. In die gevallen moet je altijd de alarmgevoeligheid in verlagen.

Het alarm stoppen

Als je de auto ontgrendelt terwijl het alarm afgaat, stoppen de alarmlichten en het geluidssignaal. De alarmindicator blijft enkele minuten snel knipperen om aan te geven dat er een recent potentieel beveiligingsprobleem was.

 Belangrijk

Verander niets aan het alarmsysteem en voeg er niets aan toe, anders werkt het mogelijk niet naar behoren.