Polestar
Polestar 2
Polestar 4
Polestar 4 coupé
Handleiding
Software-updates
    Detectie van gedrag van de bestuurder

Communicatie en status van Pilot Assist

Leer hoe de status en acties van Pilot Assist in de auto worden gecommuniceerd.

Het bestuurdersdisplay toont de status van Pilot Assist met graphics en symbolen. Belangrijke informatie kan ook als meldingen worden weergegeven.

De belangrijkste status wordt door de snelheidsmeter aangegeven. Zo zie je of Pilot Assist actief is of niet.

De doelsnelheid wordt in geel boven de snelheidsmeter aangegeven.

Doelsnelheid van Pilot Assist en snelheidsmeter

Communicatie in de omgevingsmodus

Wanneer het bestuurdersdisplay de weergavemodus voor de omgeving toont, worden de status en acties van Pilot Assist als animaties en met symbolen weergegeven. De animaties kunnen laten zien hoeveel ondersteuning Pilot Assist momenteel biedt, afhankelijk van de instellingen voor Pilot Assist. Dit omvat instellingen zoals handhaven van snelheid en afstand, aanpassen van de snelheid aan voorliggers, wisselen van rijstrook en stuurhulp.

 Belangrijk

De omgevingsmodus gebruiken

De omgevingsmodus kan niet volledig voorspellen wat er op de weg rondom je heen gebeurt, dus vertrouw er niet op wanneer je rijdt.

Communicatie met symbolen

Wanneer het bestuurdersdisplay de rustige of kaartweergavemodus toont, wordt de status van Pilot Assist met symbolen aangegeven. De symbolen kunnen laten zien hoeveel ondersteuning Pilot Assist momenteel biedt, afhankelijk van de huidige instellingen voor Pilot Assist.

Pilot Assist is actief, met stuurhulp.
Pilot Assist is actief, maar stuurhulp is tijdelijk niet beschikbaar.
Pilot Assist is actief, maar stuurhulp is uitgeschakeld.
Communicatie bij Lane Change Assist. De kleur is afhankelijk van de situatie. De pijl geeft een verandering van rijrichting aan en volgt deze.
Storing in Pilot Assist.
Sommige symbolen tonen de huidige acties die invloed op Pilot Assist hebben.
Je kunt het doelinterval voor de afstand tot een voorligger met de knoppen op het stuurwiel aanpassen.
Je kunt de ingestelde doelsnelheid negeren door het gaspedaal in te drukken.

Meldingen en berichten

Wanneer je Pilot Assist gebruikt, kunnen er meldingen op het bestuurdersdisplay worden weergegeven. Ze kunnen belangrijke informatie bevatten over de status van functies van Pilot Assist, maar ook instructies geven die je moet volgen, bijvoorbeeld dat je het stuurwiel niet moet loslaten.