Polestar
Polestar 2
Handleiding
VideogalerijSoftware-updates
    Detectie van gedrag van de bestuurder

Connected Safety

Je auto kan informatie uitwisselen met andere auto's op de weg, zodat je op de hoogte bent van ongevallen of verkeerssituaties verderop op de weg en deze eventueel kunt vermijden. Deze functie wordt Connected Safety genoemd.
Via een internetverbinding kunnen je auto en andere voertuigen op dezelfde weg informatie uitwisselen over de huidige wegomstandigheden en situaties, zoals:
  • geactiveerde alarmlichten
  • ongevallen
  • gladde wegen
  • wegwerkzaamheden
  • grote dieren
  • voetgangers en fietsers.1

Connected Safety kan in de privacy-instellingen worden in- en uitgeschakeld.

 Waarschuwing

Connected Safety is geen vervanging voor veilig rijgedrag. Rijd de auto met dezelfde aandacht voor veiligheid als je zou doen in een auto zonder deze functie.

Connected Safety-waarschuwingen

Afhankelijk van de informatie die je auto van andere weggebruikers ontvangt over de situatie verderop op de weg, kan een van deze symbolen op het bestuurdersdisplay worden weergegeven:
De alarmlichten van een voertuig branden. Dit symbool wordt ook weergegeven bij wegwerkzaamheden, grote dieren, voetgangers en fietsers.
Er wordt gladheid op de weg gedetecteerd.
Er heeft zich een ongeluk voorgedaan.

 Tip

Waarschuwingen van Connected Safety kunnen ook in het head-updisplay worden weergegeven.

Voorwaarden en limieten

'Connected Safety' werkt alleen als er aan de volgende voorwaarden is voldaan:
  • Connected Safety is in de instellingen ingeschakeld.
  • Bij andere voertuigen moet de Connected Safety-functie beschikbaar en ingeschakeld zijn.
  • Zowel je auto als andere voertuigen moeten verbonden zijn met het internet.
  • De weg waarop je je bevindt, staat in de Polestar-database.

 N.b.

Er zijn geen gladde wegomstandigheden gemeld

Bij een gladde weg wordt er niet altijd een waarschuwing van Connected Safety gegeven. Een lage wrijvingsweerstand tussen de banden en het wegdek wordt vaak gebruikt om een gladde weg te identificeren. Manoeuvres zoals remmen of optrekken leiden zelden tot situaties met lage wrijving. Daardoor is het mogelijk dat de functie tijdens deze manoeuvres een gladde weg niet altijd herkent.

  1. 1Deze functie is bedoeld om je te waarschuwen voor onverwachte voetgangers en fietsers die een gevaar kunnen vormen, bijvoorbeeld op de snelweg.